Een Israëlische beïnvloedingsoperatie in Delft voedt de polarisatie en lijkt ‘verdomd’ veel op ongewenste inmenging [aldus Rob van Wijk van CSS]
Buitenlandse beïnvloeding In Delft werd de vertoning van NAZA, een documentaire over de Gaza-oorlog, verstoord door een overlevende van 7 oktober en een Israëlische militaire actiegroep. Deze operatie werd verwelkomd door de Israëlische premier Netanyahu. „Dit komt verdomd dicht bij ongewenste buitenlandse inmenging”, zegt hoogleraar Rob de Wijk.
Twee screenshots die het account van Ad Kan deelde op Facebook. Op het linkerbeeld protesteerden activisten van Ad Kan vorige week ook bij filmhuis Rialto in Amsterdam vanwege de vertoning van documentaire NAZA. Rechts is Taasa te zien tijdens de vertoning in Delft.
SCREENSHOTS VIA FACEBOOKVIDEO AD KANDe première van de veelbesproken documentaire NAZA in Delft is een minuut of tien bezig als ineens een vrouw met een microfoon voor het beeldscherm gaat staan en het woord neemt. „Ik wil jullie vertellen…”, zegt ze in het Engels.
„Nee”, schreeuwt een vrouw uit het publiek. Daar ontstaat direct beroering door de verstoring van de première.
„Mijn naam is Sabine Taasa”, zegt de vrouw op het podium.
„We willen het niet horen”, reageert een man.
„Ik ben de moeder van vier jongens”, vervolgt Taasa.
„Kan ons niets schelen”, klinkt uit het publiek.
„Ik overleefde 7 oktober. Ik ben hier gekomen om mijn verhaal te vertellen”, zegt Taasa.
„Niet nu”, roept iemand.
Tientallen bezoekers zijn vorige week donderdag naar filmhuis Lumen in Delft gekomen om de documentaire te zien over het hoge aantal burgerslachtoffers dat Israël onder Palestijnen maakt, in reactie op de terroristische aanvallen van Hamas op 7 oktober 2023.
Nu staat er opeens een vrouw voor het bioscoopscherm, zo is te zien op beelden van het incident.
Ze claimt via een versterker een overlevende van ‘7 oktober’ te zijn. Op de zijwand van de zaal proberen mensen uit haar entourage beelden van de terreurdaden door Hamas op een wit laken te projecteren.
„Ik dacht, wat krijgen we nu”, zegt een aanwezige bij de première. Uit angst voor intimidatie uit de pro-Israëlische hoek wil deze persoon anoniem blijven, de naam is bekend bij de redactie.
„Daarna vertelde ze dat ze haar man en zoon had verloren bij de aanvallen door Hamas. Als het waar was, zou dat natuurlijk verschrikkelijk zijn. Tegelijkertijd vond ik dit niet het moment en de plaats om het daarover te gaan hebben.”
De verstoring van de première in Delft, en de reacties vanuit het publiek, hebben gezorgd voor veel beroering in Nederland en daarbuiten. Wie zaten er achter de verstoring?
En was dit een vorm van ‘ongewenste buitenlandse inmenging’, waar de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV) eerder voor waarschuwde?
‘Shame on you’
„Ga weg”, schreeuwen mensen naar de vrouw voor het bioscoopscherm in Delft, die later inderdaad Sabine Taasa, overlevende van 7 oktober blijkt te zijn. „Shame on you”, wordt door meerdere bezoekers richting Taasa gescandeerd.
Een medestander van Taasa filmt de reacties van het publiek vanaf de eerste rij.
Er ontstaat een worsteling als een van de bezoekers de telefoon afpakt die de filmende vrouw hiervoor gebruikt. Een Israëlische man die het doek voor de beeldprojectie omhoog hield, wenkt dat er versterking moet komen.
Een andere man uit de entourage van Taasa komt erbij, forceert de arm van de Nederlandse bezoeker die de telefoon afpakte en grijpt de telefoon terug.
Al snel gaan de beelden van het incident, het langste filmpje duurt bijna drie minuten, rond op sociale media.
Ze worden onder meer via De Telegraaf verspreid. Verslaggever Silvan Schoonhoven blijkt van tevoren te zijn geïnformeerd over de actie en was aanwezig in de zaal. De hoofdredactie van De Telegraaf laat in het midden door wie hij op de hoogte was gesteld.
„Silvan Schoonhoven vernam vorige week dat er afgelopen donderdag voor, na of tijdens de NAZA-vertoning een statement zou worden gegeven bij of in de bioscoop in Delft door mensen die uit Israël kwamen. Wij vonden het nieuwswaardig hiervan verslag te doen”, aldus een reactie via e-mail.
In zijn artikel plaatst Schoonhoven citaten achter elkaar die niet direct na elkaar zijn uitgesproken en zo een verkeerde lading krijgen. ‘„Ze hebben mijn zoon vermoord!”, riep Taasa. „Kan ons niets schelen”, schreeuwden toeschouwers vanuit de zaal.’
Dit is de eerste alinea, die onder meer op de Facebook-pagina van De Telegraaf verschijnt en honderden boze reacties oproept.
Volgens de beschikbare beelden wordt het „kan ons niets schelen” geroepen nadat Taasa zegt de moeder van vier jongens te zijn.
De hoofdredactie van De Telegraaf laat weten dat de citaten in de eerste alinea een „kernachtige samenvatting” vormen van het incident. Silvan Schoonhoven erkent dat het chronologisch niet helemaal klopte.
Diverse opiniemakers storten zich op de zaak.
Op X noemt Wierd Duk van De Telegraaf de roepende en scanderende bezoekers „harteloos Nederlands tuig”.
Rob Hoogland, ook van De Telegraaf, spreekt in zijn column van „Hamas-gezwellen”. De Britse tabloid Daily Mail schrijft dat er „jammer dat de Duitsers je niet hebben afgemaakt” is geschreeuwd naar Sabine Taasa. De Israëlische premier Netanyahu prijst de verstoring in Delft.
Israëlische muzikant
Wie zaten erachter? Dat er geschreeuwd zou zijn „jammer dat de Duitsers je niet hebben afgemaakt” – wat ook op sociale media veel aandacht krijgt – is de wereld in gebracht door Oded Nir, via zijn account op X.
Daar is hij samen met Taasa op een foto in het Amsterdamse hotel CitizenM te zien. Ook plaatste hij een foto van zichzelf in de filmzaal.
Op de beelden van het incident die NRC onderzocht zijn de uitlatingen over Duitsers richting Taasa niet te horen en ook de aanwezige die NRC sprak, zegt dit niet gehoord te hebben. Silvan Schoonhoven van De Telegraaf stelt het ook niet gehoord te hebben.
„Ik heb het nog nagevraagd bij Nir, maar daar geen reactie op gekregen. Er werden veel lelijke dingen geroepen, maar niet zo lelijk. Veel bezoekers hadden ook niet echt door wie zij was en waren vooral geïrriteerd dat hun documentaire werd onderbroken”, zegt Schoonhoven.
Oded Nir is een Israëlische muzikant die naar eigen zeggen twintig jaar in Amsterdam heeft gewoond en is terugverhuisd naar Israël. NRC heeft geprobeerd via e-mail met hem in contact te komen, maar dat is niet gelukt.
In Israël is Nir adviseur geworden van het Israel Defense and Security Forum (IDSF), een organisatie van ruim 35.000 reservisten, gepensioneerde militairen en medewerkers van veiligheidsdiensten.
Volgens haar eigen jaarverslag over 2024 werkt het IDSF nauw samen met de Israëlische regering. Op X schrijft Nir, die Nederlands spreekt, dat hij Sabine Taasa en de andere Israëliërs in Nederland heeft begeleid bij hun actie in Delft.
Volgens zijn profielpagina op de website van de IDSF is Nir ook adviseur van het Israëlische Ministerie van Diaspora en de Bestrijding van Antisemitisme. „Waar hij helpt bij het afstemmen van boodschappen op een divers, wereldwijd publiek”, aldus zijn profiel.
Voor ditzelfde ministerie waarschuwde de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV) vorig jaar in het ‘Dreigingsbeeld Statelijke Actoren’.
„Ook Israël probeert de politieke en publieke opinie te beïnvloeden in het buitenland, waaronder Nederland”, schreef de NCTV. Het was de eerste keer dat Israël in dit verband werd genoemd.
Aanleiding was een rapport van het Israëlische ministerie na de rellen rondom de voetbalwedstrijd Ajax-Maccabi Tel Aviv in november 2024.
Zonder deugdelijke onderbouwing wees dit rapport diverse pro-Palestijnse organisaties in Nederland aan als verantwoordelijken voor het geweld na de wedstrijd.
Het rapport werd niet met de Nederlandse overheid gedeeld, maar onder politici en journalisten in Nederland verspreid. BBB-leider Caroline van der Plas presenteerde het rapport in de Tweede Kamer.
Door deze ongebruikelijke manier van verspreiding, schreef de NCTV, „kunnen de genoemde personen worden geïntimideerd of bedreigd, of in het ernstigste geval aangevallen”.
In hoeverre werd de Israëlische beïnvloedingsoperatie in Delft aangestuurd vanuit de overheid? Op X schreef Oded Nir dat hij de protestactie had voorbereid met mensen van de organisatie Ad Kan. Dat betekent ‘Genoeg is genoeg’.
Volgens de website is Ad Kan „opgericht door officieren van de IDF [het Israëlische leger] en veteranen van inlichtingendiensten”.
Ad Kan, wier rol bij de verstoring van de première ook in De Telegraaf werd beschreven, schrijft „anti-Israëlische organisaties te bestrijden die vaak worden gefinancierd door buitenlandse regeringen en antisemitische elementen”.
De oprichter van Ad Kan, reservist en kolonist Gilad Ach, stelde vorig jaar een plan op voor de ‘vrijwillige emigratie’ van alle Palestijnen uit de Gazastrook.
Ad Kan claimt eerder in Nederland actief te zijn geweest. Een undercoveroperatie van de groep zou, volgens een artikel van het Algemeen Dagblad uit juli 2023, hebben bijgedragen aan de ontmaskering van de Palestijnse activist Amin A. uit Leidschendam als fondsenwerver voor Hamas in Europa.
De directeur van Ad Kan, Avihai Shorshan, was in Delft de Israëlische man die versterking inriep bij het terugpakken van de telefoon. Hij was in 2024 en 2025 reservist in Gaza, zo blijkt uit foto’s op zijn X-account. Bij een filmpje van een Israëlische bulldozer die een Palestijns huis platwalst, schrijft hij ‘one less, more pleasant’.
In de Tweede Kamer werd Avihai Shorshan vorige week donderdag, voorafgaand aan de actie in Delft, met Sabine Taasa ontvangen door PVV-leider Geert Wilders.
Shorshan bood hem een rapport aan met de titel Hamas operations in Europe 1989 – 2026. Van Taasa dook de voorbije dagen een televisie-optreden op waarin ze zei dat alle Palestijnen in Gaza „schuldig” zijn. Ze wenste hen allemaal toe te „branden in de hel”.
Dieptepunt
De Israëlische operatie in Nederland komt op een moment dat de diplomatieke verhoudingen tussen beide landen op een dieptepunt zijn beland.
Op 22 september trad in Nederland een verbod in werking op het importeren, kopen en verkopen van goederen afkomstig uit Israëlische nederzettingen in de Palestijnse gebieden.
Daarop maakte Israël bekend dat het de diplomatieke status intrekt van Nederlandse diplomaten. De Israëlische president Isaac Herzog zei deze week dat de Nederlandse maatregelen in Israël worden ervaren als een „politieke, antisemitische aanval”.
Enkele uren nadat Sabine Taasa vanuit Nederland in Israël was geland, werd ze met Lior Ben Tzur, mede-oprichter van Ad Kan die ook meedeed in Delft, ontvangen door premier Benjamin Netanyahu. Die prees het optreden van Taasa in Delft tijdens de ontvangst als een „voorbeeld van burgerlijke moed”. Hij noemde de actie „een ereteken voor de staat en voor ons volk”.
In een gezamenlijke reactie laten de Nederlandse ministeries van Justitie en Binnenlandse Zaken weten dat het geen uitspraken doet „over individuele casussen en of het daarbij al dan niet om ongewenste buitenlandse inmenging gaat”.
Rob de Wijk, hoogleraar internationale betrekkingen in Leiden, is stelliger. „Het is moeilijk te beoordelen of hier sprake is van ongewenste buitenlandse inmenging, maar het komt er in ieder geval verdomd dichtbij”, zegt de oprichter van het Haagse Centrum voor Strategische Studies.
„Het punt is dat je daarvoor een directe aansturing vanuit de Israëlische overheid moet kunnen aantonen. Landen willen het stempel van ongewenste buitenlandse inmenging natuurlijk niet opgedrukt krijgen en maken daarom gebruik van dit soort organisaties.
Met de betrokkenheid van Israëlische reservisten bij deze actie, een adviseur van een Israëlisch ministerie en de ontvangst door premier Netanyahu lijkt het er sterk op, maar het ultieme bewijs zal je niet snel vinden.”

:format(webp)/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/10/09214454/091026ECO_2037269259_facebook_Compilatie.jpg)


/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/10/07140725/081026ECO_2037269259_wilders.jpg)
Geen opmerkingen:
Een reactie posten
Opmerking: Alleen leden van deze blog kunnen een reactie posten.