Nederland heeft nu officieel een tekort aan water: maatregelen nodig
Na weken van droogte kampt Nederland met een ‘feitelijk watertekort’. Rijkswaterstaat, de waterschappen, de drinkwaterbedrijven, de provincies en de betrokken ministeries stemmen met elkaar af welke maatregelen nodig zijn om het beschikbare water zo goed mogelijk te verdelen.

Een drooggevallen stuk uiterwaard langs de Lek, een hoofdarm van de Rijn, bij Honswijk. De inzet van de stuwen (die open of dicht kunnen om het waterpeil te reguleren) wordt aangepast op alle vertakkingen van de Rijn.
Robin van Lonkhuijsen / ANP
is chef van de politieke redactie.
Dat liet het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat donderdag weten op advies van de Landelijke Coördinatiecommissie Waterverdeling. Het departement benadrukt dat van een tekort aan drinkwater geen sprake is, maar dat wel problemen ontstaan voor de landbouw, de scheepvaart en de natuur.
Hoewel juni nog relatief nat was, verliep die maand ook al bovengemiddeld warm, waardoor veel regenwater verdampte. Juli begon daardoor met een officieel ‘dreigend watertekort’, waarna de situatie snel verslechterde door de aanhoudende droogte en doordat het ook weinig heeft geregend in de stroomgebieden van de rivieren die Nederland van zoet water voorzien, de Rijn en de Maas. Omdat het einde van die situatie nog niet in zicht is, wordt nu opgeschaald naar een ‘feitelijk watertekort’.
Noodpompen
In de praktijk betekent die opschaling dat de betrokken instanties het schaarse water via een landelijk vastgestelde volgorde kunnen gaan verdelen. De drinkwatervoorziening en de dijken (die bij uitdroging onbetrouwbaar kunnen worden) staan bovenaan de prioriteitenlijst. Andere belanghebbenden – zoals de industrie, de landbouw en de scheepvaart – sluiten later aan in de rij.
Vooralsnog blijven de ingrepen beperkt tot een aangepaste inzet van de stuwen (die open of dicht kunnen om het waterpeil te reguleren) op alle vertakkingen van de Rijn. Ook wordt de plaatsing van noodpompen voorbereid. Op veel plekken gaan de sluizen minder vaak open om te voorkomen dat te veel zout water het land in stroomt. Schepen moeten rekening houden met langere wachttijden.
Sinds donderdag wordt via het stelsel van stuwen en gemalen ook de maximale hoeveelheid zoet water richting het westen van Nederland gepompt. Met de aanvoer van 15 duizend liter per seconde moet worden voorkomen dat zout water vanuit zee steeds verder het land in trekt. Te veel verzilting kan zeer schadelijk zijn voor de land- en tuinbouwsector en voor de natuur.
Onttrekkingsverboden
In veel waterschappen geldt al een onttrekkingsverbod. Dat betekent dat particulieren en bedrijven geen water meer mogen halen uit sloten, beken en rivieren. Die maatregel is vooral bedoeld om planten en dieren te beschermen tegen de lage waterstanden. Veel sloten en beken zijn al drooggevallen.
Het Waterschap Limburg liet eerder deze week weten dat de situatie voor de flora en fauna ‘verontrustend is’. Door de lage waterstanden is er weinig stroming en warmt het water sneller op. Dit leidt tot minder zuurstof, meer voedingsstoffen, slechtere waterkwaliteit en meer ongedierte in het water. Dat kan ook schadelijk zijn voor mensen. Enkele waterschappen waarschuwen dat op steeds meer plekken blauwalg en botulisme, een ernstige vorm van vergiftiging, worden aangetroffen.
Het landelijke neerslagtekort (dat ontstaat als er meer water verdampt dan dat er neerslag valt) liep deze week op tot zo’n 200 millimeter. Het jaar 2026 behoort daarmee tot nu toe tot de 5 procent droogste jaren sinds het begin van de metingen.