Politicologie Arend Lijphart (89) is de belangrijkste Nederlandse politicoloog aller tijden. Hij werd bekend door zijn werk over de verzuiling, maar vanuit zijn huis in San Francisco volgt hij nu vooral de Amerikaanse politiek. „Ik zie dat er bij de Republikeinen iets loskomt.”
vanuitSan Francisco
Gepubliceerd op
Arend Lijphart: „Wat mij betreft is het verstandig de kiesdrempel te verhogen.”
— FOTO UIT PRIVÉARCHIEF
Arend Lijphart (89) kijkt er zelf een beetje verbaasd bij. Kortgeleden hoorde hij een verhaal van zijn schoonzus in Nederland. „Ze vertelde dat de leraar maatschappijleer van haar kleinzoon op het bord schreef: Arend Lijphart.” Daarna volgde een behandeling van zijn werk over het Nederlandse politieke systeem in het verzuilingstijdperk. „Blijkbaar is er nog steeds belangstelling voor”, concludeert hij droogjes.
Arend Lijphart geldt als de belangrijkste Nederlandse politicoloog aller tijden. Zijn boek Verzuiling, pacificatie en kentering in de Nederlandse politiek, oorspronkelijk geschreven in het Engels, maakte hem in 1968 in een klap beroemd.
Lijphart verklaarde hoe het verzuilde Nederland stabiel kon blijven functioneren: de elites van de verschillende zuilen sloten vanaf de ‘Pacificatie van 1917’ compromissen met elkaar, vanuit een besef dat niemand beter zou worden van een burgeroorlog. Hij was pas iets boven de 30, maar zette met dit idee van ‘consociationalisme’ het wereldwijde denken over democratieën op z’n kop: tot dat moment was de heersende opvatting dat een homogene bevolking nodig was voor een stabiele democratie.
„Ik had nooit verwacht dat het zo’n succes zou worden”, vertelt Lijphart in zijn kleurrijk ingerichte woonkamer in het hart van San Francisco. Het manuscript werd eerst afgewezen door Harvard University Press. „Ze zeiden dat een expert had gezegd: dit weten we allemaal wel.”
NRC vroeg Lijphart om terug te kijken op zijn ideeën en zijn werk. In veel opzichten is dat hyperactueel: het is in Nederland minder bekend, maar Lijphart publiceerde veel en kritisch over de Amerikaanse democratie. Dat kwam voort uit zijn latere werk in ‘comparative politics’, een vakgebied dat politieke systemen vergelijkt. Lijphart, een van de meest geciteerde politicologen ter wereld, is een van de grondleggers ervan.
Systemen vergelijken is bijna het eerste dat hij doet in het gesprek. „Gegeven de politieke situatie zou ik het nu eigenlijk prettiger vinden om in Nederland te wonen”, vertelt hij. „Maar ja, mijn kinderen wonen hier, mijn kleinkinderen wonen hier, mijn vrouw is een Duitse.” Lijphart werkte lang aan de universiteiten van Berkeley en San Diego en heeft een Nederlands en een Amerikaans paspoort.
Het is duidelijk goed geweest de PVV in de regering op te nemen. Het was net als met de Lijst Pim Fortuyn: ze maken er een potje van
De politicoloog, die vanwege zijn leeftijd langzaam praat maar niet minder enthousiast overkomt, volgt de Nederlandse politiek nog altijd vanaf een afstandje. „Ik lees vooral The Economist en The New York Times. Maar de belangrijkste dingen weet ik, zoals over de laatste verkiezingen. Hoe staat het precies met de kabinetsformatie? Zijn ze nog aan het praten?”
Jazeker. Het is moeilijk een meerderheid te vinden.
„De uitslag was in ieder geval hoopvol.”
Wat stemde u positief?
„Het is duidelijk goed geweest de PVV in de regering op te nemen. Het was net als met de Lijst Pim Fortuyn: ze maken er een potje van. En dan kunnen we weer een tijdje redelijk doorgaan. Ik geloof niet in een cordon sanitaire. Deze partijen moeten maar laten zien wat ze kunnen. Ze kunnen vrij weinig.”
Uw werk benadrukt het belang van brede coalities die een groot deel van de bevolking vertegenwoordigen. Dat is vandaag de dag niet makkelijk.
„Wat mij betreft is het verstandig de kiesdrempel te verhogen. Die kleine partijen doen op zich weinig kwaad, maar je kunt er niet op rekenen bij de kabinetsformatie. 5 procent in Duitsland vind ik wel wat aan de hoge kant. Je moet een beetje laveren.”
In de aanloop naar de Tweede Kamerverkiezingen worden in Den Haag borden van politieke partijen geplaatst.
— FOTO REMCO DE WAAL/ANP
Lijphart zegt vaak op D66 gestemd te hebben, maar niet te hebben verwacht dat ze ooit de grootste zouden worden. Rond de oprichting van de partij kwam Hans van Mierlo een keer langs in Berkeley, waar Lijphart werkte. „Mijn vrouw en ik hebben hem toen thuis uitgenodigd. Een heel bijzondere man.” Van Mierlo was volgens Lijphart erg optimistisch over de toekomst van D66, en het viel Lijphart op dat Van Mierlo het Amerikaanse regeringssysteem, met een gekozen president, zo bewonderde. „Daar zou hij nu zeker anders over denken.”
Minder rapport had Lijphart met Frits Bolkestein, met wie hij in 1992 botste. Lijphart zei dat een islamitische partij geen slecht idee zou zijn: je kon deze bevolkingsgroep wat hem betreft juist laten emanciperen door zo’n partij. „Mijn onderzoek naar verzuiling begon als theoretische uitleg. Uiteindelijk ben ik het als praktisch model gaan zien voor diep verdeelde maatschappijen.”
Lijphart was betrokken bij het vormgeven van een nieuw bestuur in Zuid-Afrika rond het einde van de apartheid. „Ik geloof wel dat ik een steentje heb bijgedragen”, zegt hij. „Zeker in de eerste jaren was het duidelijk een pacificatiedemocratie. In de jaren tachtig heerste echt het idee dat een bloedbad onvermijdelijk was. Dat is niet gebeurd. Ik weet niet hoe je het nu zou moeten noemen. Er is in ieder geval weer een coalitieregering.”
Hij is wel wat sceptischer geworden over de mogelijkheden om bij te dragen in de praktijk. „Ik geloof dat politicologen vaak advies uitbrengen dat dan terzijde wordt gelegd.” In eerste instantie gebeurde dat in Zuid-Afrika ook. „In Venezuela vroeg de regering ook advies. Nou, dat is vooral gebruikt om verandering nog een tijdje uit te stellen. Zo worden politicologen eigenlijk misbruikt.”
Maar later ben ik wel gaan denken: is dit uniek voor Nederland? In feite niet
Over de verzuiling en uw werk zijn ook kritische evaluaties op gang gekomen. Stond Nederland in 1917 echt op het randje van een burgeroorlog?
Lijphart lacht. „Ik moet toegeven dat dat idee waarschijnlijk wel wat overdreven was. Maar het was duidelijk dat de spanningen heel hoog opliepen. En dat de politiek leiders dachten: we moeten een oplossing vinden. In Oostenrijk is in de jaren dertig wel zo’n burgeroorlog geweest.”
Nog zoiets: hoe strak waren die zuilen nu precies? De katholieken waren erg verzuild, de protestanten al wat minder en dan had je nog een soort ‘restzuil’.
„Er was een heel duidelijke katholieke zuil, maar de protestantse was inderdaad al een stuk minder unaniem.” Lijphart begint over zijn eigen jeugd in Heerde, op de noordoostelijke Veluwe. „Er waren twee stromingen in dezelfde hervormde kerk. De ene predikte ’s ochtends en de andere ’s middags.”
Hoe uniek is het fenomeen dan nog? De verzuiling is, ook op basis van uw boek, vaak geïnterpreteerd als iets specifiek Nederlands.
„Je kunt het ook absoluut in andere landen vinden.” Lijphart was zich het daar bij het schrijven van zijn eerste boek nog niet zo van bewust. „Maar later ben ik wel gaan denken: is dit uniek voor Nederland? In feite niet. Je had het in België, in Zwitserland, in Oostenrijk.”
Lijphart groeide op in een bijzonder gezin. Zijn vader was lid van de gemeenteraad in Heerde voor de VVD, toen nog een kleine partij. Zijn moeder was actief in de lokale Christian Science-kerkgemeente, een geloof waar Lijphart ook mee opgroeide. „Als God goed is en almachtig”, vat hij het gedachtegoed samen, „waar komt dan het kwaad vandaan? Nou, dat bestaat niet.”
Leden van de kerk maken om deze reden vaak weinig gebruik van medische hulp. „Dat is niet alleen verkeerd, maar ook gevaarlijk.” Een zus van Lijpharts ex-echtgenote, met wie hij als twintiger de kerkgemeenschap verliet, liet haar borstkanker jarenlang onbehandeld. „Ze is daardoor een vreselijke en pijnlijke dood gestorven.”
De kerkgemeenschap hielp Lijpharts carrière op gang. Hij kon na zijn middelbare school aan een Christian Science-college in de VS beginnen aan zijn studie: die opleiding hielp hem vervolgens Yale in.
Vanuit de VS schreef hij zijn doorbraakboek, in eerste instantie in het Engels: The Politics of Accommodation. Lijphart maakte zelf razendsnel de Nederlandse vertaling. „Als ik had geweten dat het zo’n succes zou worden, had ik daar wel meer werk van gemaakt.”
Het was een opmaat naar een lange academische carrière, met als kroon zijn termijn (1995-1996) als voorzitter van de prestigieuze American Political Scientist Association. Lijphart werd pleitbezorger van parlementaire ‘consensusdemocratieën’ als Nederland, ten opzichte van systemen zonder evenredige vertegenwoordiging (de Verenigde Staten, het Verenigd Koninkrijk). Die laatste mogen daadkrachtig lijken, volgens Lijphart nemen coalitieregeringen in de praktijk betere besluiten: ze gaan bijvoorbeeld beter om met minderheden.
Over de VS is Lijphart altijd uiterst kritisch geweest. „Ze noemen zichzelf vaak the oldest democracy. Maar het was nooit helemaal democratisch.” Hij maakt zich al decennia druk over wat hij ziet als serieuze tekortkomingen van het Amerikaanse staatsbestel: van een gepolitiseerd hooggerechtshof tot de mogelijkheid om president te worden zonder een meerderheid te behalen, of het partijdig hertekenen van kiesdistricten.
Het heeft ook te maken met de aanbidding van de grondwet. Dat is iets heiligs
Dit zijn zaken waar veel Europeanen zich vaak wel van bewust zijn, maar Lijphart blijft zich erover verbazen hoe weinig ze ertoe lijken te doen in de VS zelf. „Ik heb vaak gedacht: het is uitzonderlijk dat er zoveel vernieuwing plaatsvindt in Amerika, met dat hele internetgebeuren, maar dat de politiek heel ouderwets is. Er verandert niks. Dat is een speciaal Amerikaans probleem, en een rare tegenstelling.” Lijphart pleitte vaak voor hervormingen, die er niet kwamen. „Het heeft ook te maken met de aanbidding van de grondwet. Dat is iets heiligs. Terwijl: het is gewoon een document dat je kan veranderen.”
Hoe ziet hij de huidige politieke situatie in de VS? „Toen ik aan Yale studeerde, werd er vaak gesproken over hoe gespleten Europese landen waren, vanwege de grote communistische partijen. Frankrijk, Duitsland, Italië. Dat was dan altijd in tegenstelling tot Amerika. Nu zijn hier de tegenstellingen juist veel groter dan in Europa.”
Volgens Lijpharts eigen werk is de huidige Amerikaanse situatie gevaarlijk: een zeer gepolariseerd land waar elites geen compromissen sluiten. Een presidentieel systeem, met veel macht bij een persoon, leidt bovendien sneller tot democratische achteruitgang.
Toch herhaalt hij meerdere keren dat hij vermoedt dat het weer de goede kant op zal gaan. „Ik zie dat er langzaam iets loskomt in de Republikeinse partij. Republikeinen in het Huis die zeggen: we moeten de Epstein-files openbaar maken. En er is ook kritiek op die aanvallen op bootjes in de Caribische Zee.”
Hij denkt dat er een goede kans is dat de boel zal normaliseren als de Democraten in 2026 het Huis winnen. „Hoewel Trump natuurlijk heel ondemocratisch te werk gaat, nu hij in Texas probeert meer zetels te krijgen.” Op aandringen van Trump hertekenen de Republikeinen kiesdistricten in Texas om meer zetels te kunnen halen.
Californië is daartegen in het verweer gekomen, met een controversieel referendum om óók districten te hertekenen. Hebt u vóór gestemd?
„Ja, natuurlijk.”
Vond u het een moeilijke keuze?
„Nee. Niet met hoe het nu gaat in de VS. Bovendien is het heel duidelijk een tijdelijke aanpassing.”
Een van de weinige dingen die u prijst aan de VS, is dat in het federale systeem staten veel macht hebben en tegenwicht kunnen bieden. Hoe belangrijk is dat nu?
„Dat is een van de goede dingen van het feit dat Amerika zo groot is. Het is erg gedecentraliseerd en de staten hebben heel wat in te brengen. Maar er is nu heel wat druk van de landelijke regering op staten. Californië heeft bijvoorbeeld onder druk de vrachtwagenrijbewijzen ingetrokken van mensen die hier illegaal verblijven. Je ontkomt er niet helemaal aan.”
Na het gesprek dringt Lijphart erop aan samen nog even uit het raam te kijken: hij heeft een prachtig uitzicht op de skyline. Tegenover zijn huis ligt ook een voormalige kerk van de Christian Science-gemeenschap. „Ik had me altijd voorgenomen een keer een dienst bij te wonen”, zegt Lijphart. Dat lukte niet voordat de kerk werd omgebouwd tot appartementencomplex.
Hij is met zijn vrouw uit nieuwsgierigheid naar een van de woningen gaan kijken. „Het was prachtig.” Maar hij zou er niet willen wonen. „Het was niet erg knus.”
King's Torah splits Israel's religious and secular Jews
Published
Image caption,
Rabbis Dov Lior and Yacob Yousef were detained for questioning
ByYolande Knell
BBC News, Jerusalem
Recent protests in Israel highlight the differences between the country's religious and secular Jewish communities.
Hundreds of right-wing Jews have taken part in demonstrations outside Israel's Supreme Court over the brief detention of two prominent rabbis in the last few weeks.
There were clashes with police on horseback on the nearby Jerusalem streets and several arrests were made.
Rabbis Dov Lior and Yacob Yousef had endorsed a highly controversial book, the King's Torah - written by two lesser-known settler rabbis. It attempts to justify killing non-Jews, including those not involved in violence, under certain circumstances.
The fifth chapter, entitled "Murder of non-Jews in a time of war" has been widely quoted in the Israeli media. The summary states that "you can kill those who are not supporting or encouraging murder in order to save the lives of Jews".
At one point it suggests that babies can justifiably be killed if it is clear they will grow up to pose a threat.
Israeli police investigating allegations of incitement had asked the rabbis to be voluntarily questioned, but took them into custody when they refused.
Both men have strong support among ideological Jewish settlers in the occupied West Bank, but the wider religious community also took up their cause.
The heated reaction to their arrests has highlighted tensions between religious and civil authority in Israel and sparked a debate over freedom of expression.
'Culture clashes'
Some students who joined a rally on 4 July are now back in the quiet of the library of the Raanana Yeshiva, a seminary of higher Jewish studies, north of Tel Aviv.
Eliyahu Gross, 21, travelled with friends to Jerusalem but tells me he had not read the King's Torah.
"I was just demonstrating against the idea of the restriction of the Torah," he says, stressing the need for uninhibited discussions of Judaism's founding legal and ethical religious texts.
"In my point of view, anything that's against the freedom of the Torah is basically against my freedom as a Jew."
Image caption,
Rabbi Yehuda Amar (R) and yeshiva student, Eliyahu Gross (L) joined a rally in Jerusalem.
Rabbi Yehuda Amar, who helped organise the gathering, strongly rejects the way the text has been presented.
"Jewish law is very, very careful about anything that poses a threat to life," he says. He maintains that the book invites only theoretical analysis of scripture.
"We need freedom to study the Torah on both a spiritual level and on a democratic level," Rabbi Amar adds. "We try to show there is a contrast: Spiritual ideas are pulled away from practical life."
As the discussion goes on, the religious community's sense of marginalisation comes to the fore.
The head of the yeshiva, Rabbi Haim Rehig, sees the King's Torah as "a problematic book" and has written against it.
He believes the recent protests were mainly about religious Jews' demand for "equality before the law".
"Every time they investigate the 'right-side of the map', if you can call it that, you see there are culture clashes between us and the secular part of the country," he says.
He suggests some left-wing academics have incited hatred of settlers and religious Jews "and nobody arrested them because we are some kind of a minority here".
Secular views
An unscientific sample of public opinion in the Mahane Yehuda Market on Jaffa Road in West Jerusalem, illustrates the gap between Israel's religious Jewish minority and its secular majority.
Image caption,
The first of two recent rallies by religious Jews outside the Supreme Court on 27 June.
Here, there is a lot of support for the police action against the rabbis who backed the controversial text. Many see it as proof that laws apply to all.
"A rabbi is a very, very important role, but he is not above the law," says Avi Ben Yousef.
"As citizens we all follow the same laws and regulations. We live in a democracy and this is how it should be."
"If someone supports racism, it's not allowed in the law, so he should be arrested," says local business-owner, Eli.
"I think more than that, the people who wrote the book should be on trial.
"I'm worried not just because of this book, but because of religious people," he continues.
"A lot of people are worried but they don't talk. This is a problem because the people whose voices are heard all the time are the extremists who support this book."
Times of stress
There have been several moments in recent Israeli history that have amplified tensions between religious and secular Jews.
In 2005, Israel's unilateral withdrawal from the Gaza Strip led to its security forces forcibly evicting Jewish settlers - who were mostly religious - following bitter protests.
Many in the religious community saw this as a betrayal by the state - and its institutions, particularly the Supreme Court, which ruled that the government's disengagement plan was constitutional.
Ten years earlier the assassination of Prime Minister Yitzhak Rabin by ultra-Orthodox Israeli Jew Yigal Amir also caused a deep rift. Amir opposed Mr Rabin's signing of the 1993 Oslo Accords with the Palestinians.
A research fellow at the Israel Democracy Institute, Yair Sheleg, has long studied religious trends in the country and warns that misunderstanding between different groups is dangerous. He stresses that secular Jews should not view all religious Jews in the same way.
"I found an inner struggle between the liberals and extremists within the religious Zionist sector," he says. "The extremists gain power if they feel that [Israel's] secular majority describes the whole sector as extremists."
"When young people feel they are hated, it makes them more extreme. It's a self-fulfilling prophecy."
Future fears
More ultra-Orthodox Jews are joining the workforce in greater numbers, instead of devoting their lives solely to study of the Torah. Some also do national service in the military.
Image caption,
Israeli police resorted to force to remove some settlers from Gaza during the 2005 pullout.
Those in the orthodox community increasingly serve in army combat units.
Although the armed forces publish relatively little information about the background of enlistees, last August Israel Defense Forces magazine Maarachot reported that in recent years about 30% of graduates from an infantry officers' course defined themselves as "Zionist religious", up from 2.5% in 1980.
This may help change perceptions.
However, the King's Torah episode is a reminder of the potential for antagonism and clashes of ideology.
As a large number of religious Jews live in settlements in the West Bank or have relatives there, many analysts see it as the potential location for future flare-ups.
While international law deems the settlements illegal, Israel disputes this. The Palestinians want the land for a future state.
Israeli military chiefs responsible for the West Bank are reported to be worried about possible clashes with settlers when they move to clear a settlement outpost in the coming months in accordance with a Supreme Court decision.
Already an increase in violence involving right-wing Jewish extremists and local Palestinians has been recorded.
An article in Israel's Maariv newspaper quotes the country's regional army commander as saying that action by Jewish extremists "is building up into a critical mass… for this group, a book like the King's Torah is not a theoretical discussion."