maandag 29 juli 2024

Waarom iedereen – ook de dalai lama – wegkijkt van misbruik onder boeddhisten

 





Waarom iedereen – ook de dalai lama – wegkijkt van misbruik onder boeddhisten

Boeddhistisch Nederland blijft kwetsbaar voor seksueel misbruik. Dat zegt onderzoeksjournalist en boeddhist Rob Hogendoorn, die een aantal misbruikzaken aan het licht heeft gebracht. ‘We hebben een diepgaande cultuurverandering nodig.’

                             

“Westerse boeddhisten hebben de mond vol over de morele voortreffelijkheid van hun geestelijk leider, nergens valt zo gretig het woord ‘compassie’”, zegt de Brielse jurist en boeddhist Rob Hogendoorn (1964). “Maar leven die leiders ernaar? Wie toetst ze?”

Daar mankeert nogal wat aan, blijkt uit een lang artikel dat hij onlangs publiceerde op de website Openbuddhism.org. Zijn pijlen richt Hogendoorn vooral op de Boeddhistische Unie Nederland (BUN). Deze koepel van 51 organisaties is het officiële aanspreekpunt voor de Nederlandse overheid. De minister van Justitie stelde in 2015 de unie verantwoordelijk voor het voorkomen van ‘(seksueel) misbruik door boeddhistische monniken en leraren’.

Trouw beschikt over een vertrouwelijk document, het ‘Jaarverslag 2022’ van de externe vertrouwenspersoon, die door de BUN is ingehuurd. Daaruit blijkt dat de unie de omvang van het probleem niet goed overziet, omdat niet alle ‘meldingen omtrent ongewenste omgangsvormen ook bij de vertrouwenspersoon van BUN terechtkomen’. Het aantal meldingen in dat jaar was drie, wat de vertrouwensman erg laag vindt. Een van de oorzaken: vijf sangha’s (boeddhistische gemeenschappen) wijzen ‘helaas niet naar de externe vertrouwenspersoon, hetgeen een verplichting is’.

Deze zelfopgelegde plicht is helder, maar de uitvoering hapert, reageert Hogendoorn. “Van de 51 BUN-leden houden 18 zich niet aan de statutaire verplichtingen om de ethische code en de BUN-vertrouwenspersonen op hun site te vermelden.”

Dat verzuim snapt Hogendoorn wel. “De etnisch boeddhistische sangha’s hechten vooral aan de goedkeuring van de traditionele geestelijken in hun land van herkomst. Maar ook de westerlingen onderwerpen zich vaak totaal aan Aziatische leraren met een heilig geloof in hun eigen traditie, ze vinden die westerse nieuwlichterij maar niets. Westerse boeddhisten hebben ook de neiging om in hun nieuw aangenomen geloof een compleet alternatief te zien voor de westerse cultuur en samenleving, dus ook voor beginselen als rechtsstaat en seksuele moraal. Zij vinden de bemoeienis van de BUN overbodig. Dat alles maakt het Nederlandse boeddhisme kwetsbaar voor nieuw seksueel misbruik, en voor het verdonkeremanen ervan.”

Boeddhisme-criticus Rob Hogendoorn.Beeld Rob Hogendoorn

Wangedrag

Nederland telt zo’n 350 boeddhistische leraren. Hogendoorn heeft dossiers opgebouwd van 26 leiders die zich sinds de jaren zeventig hebben misdragen; enkelen zijn al overleden. Trouw heeft inzage in de namen gehad. Van de meesten is het wangedrag in de publiciteit geweest, van enkelen nog niet, of slechts ten dele.

Deze dossiers, zegt Hogendoorn, verklaren het negeren van de BUN-regels. “Sommige sangha’s hadden of hebben misbruikplegers in hun midden, meer dan de helft van de BUN-bestuursleden was of is volgeling van boeddhistische leraren die zich aan misbruik hebben schuldig gemaakt. Dan sta je niet te springen om gedragscodes en vertrouwenspersonen.”

De overheid die de BUN laat toezien op haar leden, heeft volgens Hogendoorn geen oog voor de zwakte van die organisatie. Hij citeert twee interviews uit 2015, met de voorzitter van de BUN. Die zei naar aanleiding van een grote misbruikzaak: “We zijn een vriendschapsvereniging die verschillende organisaties verbindt, maar we hebben over hen geen zeggenschap.” (Trouw) “We gaan niemand op de vingers tikken. Daar is de BUN niet voor. We bekijken of we iets kunnen leren of iemand ondersteunen.” (NRC)

Sindsdien is aan die houding weinig veranderd, meent Hogendoorn. “In 2018 had de BUN al haar leden maximaal twee jaar gegeven om zich aan de regels te houden. We zijn zes jaar verder. Daar heb ik de BUN op aangesproken. Ik kreeg als antwoord dat ze de leden ‘wilde meenemen in een bewustwordingsproces’ en dat die leden nu eenmaal ‘een complexe omgevingsorganisatie’ hadden. Wat die vage taal ook betekent, het is geen steun aan de misbruikslachtoffers. Die blijven in het gedoogmoeras.”

Boeddhistisch dilemma

Kritiek op het optreden van een geestelijk leider ligt gevoelig. Hogendoorn: “Boeddhistische leraren, de lama’s, hechten aan de religieuze autoriteit die ze van een voorganger hebben gekregen, die het weer van een leraar had, en zo verder, liefst tot 2500 jaar geleden naar de historische Boeddha. Dat geeft hun een bijna goddelijke status. Die lijn van overlevering heiligt alles - de leraar, diens voorgangers, de stichter, hun leer. Zit daar een misbruikpleger tussen, dan breekt die de schakel en wordt alles bezoedeld, wat geheimhouding in de hand werkt. Dat plaatst boeddhisten voor een dilemma. Ze kunnen niet zonder overleveringslijn, waar moet je anders je gezag aan ontlenen? Maar ze kunnen ook niet doen of er niets is gebeurd, want dan zijn ze medeplichtig.”

Zo konden de Thaise Vipassana-monnik Mettavihari in Waalwijk en de Oostenrijker Gerhard M. alias lama Kelsang Chöpel te Middelburg, lang hun gang gaan. Mettavihari, die de meeste Nederlandse vipassanaleraren heeft benoemd, had het op mannen en kinderen voorzien, M. preste met ‘tantrische oefeningen’ vrouwen tot seks en dreigde met zwarte magie. Beiden verkochten hun seksuele rooftocht als win-win: zij én hun prooien zouden door de seksuele handelingen sneller verlicht raken.

M. is nooit veroordeeld. Mettavihari overleed in 2007, sommigen hebben zich postuum van hem afgekeerd. Anderen, zoals op de BUN-site, blijven hem eren als ‘de eerwaarde Mettavihari die de grondlegger is van het boeddhisme in Nederland’ - en melden niets over diens misbruik.

Dalai lama

In de Frans-Duitse documentaire Bouddhisme. La loi du silence (‘Zwijgwet’, 2022) vertelt een vrouw hoe lama Kunzang - de Belg Robert Spatz - de goedheid had haar als meisje te verkrachten. Goedheid, ja, want ze was volgens de lama in haar vorige leven een man geweest die een vrouw had verkracht, en die zonde - slecht karma, obstakel voor verlichting - had hij hiermee fijn uitgewist.

De documentaire schetst een ontluisterend beeld van Nobelprijswinnaar Tenzin Gyatso, beter bekend als de dalai lama. Te zien is hoe in 1993 twintig westerse boeddhistische leiders na klachten over grootschalig vrouwenmisbruik een beroep doen op zijn moreel gezag. Het zou enorm helpen als Zijne Heiligheid zich publiekelijk uitsprak tegen ‘seks met leerlingen’. De dalai lama reageert instemmend, het moet stoppen, vrouwen hebben hem er ook al over geschreven, dus ja, hij steunt een gezamenlijke verklaring. Maar uiteindelijk mag zijn handtekening er niet onder. Wel laat de dalai lama zich nadien zien bij feestelijkheden met de lama’s Sogyal Rinpoche, over wie geklaagd was, en Kunzang. “Daarmee legitimeerde hij hun gedrag”, zegt Hogendoorn.

Lama-harem

Bijna twintig jaar later kwam Oane Bijlsma (47) uit Amsterdam bij spiritueel leider Sogyal terecht, na de dalai lama de bekendste Tibetaanse lama in het Westen en auteur van de bestseller Het Tibetaanse boek van leven en sterven. Bijlsma wilde zich verdiepen in meditatie. “Van het misbruik wist ik niets.” Dat veranderde nadat ze tot Sogyals intieme entourage doordrong. “Sogyal had tientallen dakini’s, een lama-harem van bloedmooie meiden voor alle zorgtaken, ook seksuele.”

In 2018 vertelden Oane Bijlsma (tweede van rechts) en andere betrokkenen de dalai lama over misbruik door boeddhistische geestelijken. Bijlsma vindt dat hij de doofpot vervolgens dicht heeft gelaten.Beeld Marlies Bosch

In de documentaire vertelt een dakini hoe de lama zich aan haar vergreep. De smoes: ‘het pad van verlichting gaat open als hij je slaat of neukt.’ Dat bleef Bijlsma bespaard; wel benaderde hij haar met ranzige plaatjes en praatjes.

Bijlsma was kritisch. “Dan kreeg ik te horen dat ik het nog niet kon begrijpen. Zo moest de westerse arrogantie worden doorbroken. Sogyal vond dat westerse vrouwen een toontje lager moesten zingen, heel seksistisch en patriarchaal.”

Tijdens een bezoek van de dalai lama aan Rotterdam, in 2018, sprak Bijlsma hem op de ontsporingen aan. Ze herinnert zich de ontmoeting in het Parkhotel goed. “Door de jaren heen moet hij een kelder vol brieven met misbruikmeldingen hebben ontvangen, maar hij was maar matig geïnteresseerd. Ook op het gruwelijke verhaal van een slachtoffer van Kunzang reageerde hij nauwelijks, hij had er duidelijk geen zin in. De dalai lama is geen morele halfgod maar een wegkijker.”

Seks en geweld

In het jaar erna, 2019, publiceerde Hogendoorn Sex and Violence in Tibetan Buddhism. The Rise and Fall of Sogyal Rinpoche. Daarin komt een huiveringwekkende serie misdrijven voorbij, gepleegd door deze vriend van de dalai lama, zoals vernedering, bedreiging en seksuele uitbuiting.

Sogyal Rinpoche.Beeld KRO-NCRV

Kort erna stierf Sogyal. De door hem opgezette organisatie Rigpa, met centra in Amsterdam en Groningen, erkent nu dat mensen ‘gekwetst zijn in hun relatie met Sogyal Rinpoche’, ze wijst op ‘westerse misverstanden’ en weigert ‘zijn handelen te becommentariëren’. Wel is een gedragscode nodig ‘over de relatie tussen leraren en studenten’ waarin ‘de grenzen ervan’ staan.

Hogendoorn, verontwaardigd: “Het dekt de akelige waarheid toe.” Hij klikt de internationale website van Rigpa aan – die is in 40 landen actief. “Daarop lees je dat Sogyal wereldberoemd was, de incarnatie van een heilige. En dat we moeten bidden voor zijn snelle wedergeboorte. Geen woord over zijn slachtoffers. Zijn volgelingen willen dus nog steeds niet erkennen dat hij een charlatan was en een lustgedreven crimineel.”

Dezelfde ondeugden

Hogendoorn bekritiseert ook de media. “Het is alsof alleen het woord ‘boeddhisme’ al mensen, journalisten incluis, massaal de kritische zin beneemt. De beeldvorming in reguliere media is zo karikaturaal positief geweest, tegen de klippen op, dat de meeste mensen zich niet eens voor kunnen stellen dat boeddhisten precies dezelfde ondeugden vertonen als niet-boeddhisten.

Achter die kritiekloosheid zit de angst om van de illusie te worden beroofd dat er tenminste één religie is, die vrij is van de ontsporingen van alle andere godsdiensten. Ik vind dat naïef en infantiel.”

En riskant. “Het berooft veel belangstellenden van de gezonde scepsis die ze tegenover vertegenwoordigers van andere religies wel hebben. Op dit misplaatste vertrouwen spelen boeddhistische boeven en oplichters in. Het komt plegers van misbruik erg goed uit.”

Katholiek misbruik

Komt misbruik onder boeddhisten vaker voor dan in de rooms-katholieke kerk? Hogendoorn: “Daar is nauwelijks onderzoek naar gedaan. En al helemaal niet naar misbruik in Azië, zowel binnen als buiten de kloosters. Er zijn wel sterke anekdotische aanwijzingen dat kind-monniken in Aziatische kloosters overal fysiek mishandeld en seksueel misbruikt worden. Dat is al eeuwen zo.

Toch denk ik niet dat het onder boeddhisten vaker voorkomt dan onder katholieken. Maar ook niet minder. Als boeddhisten net mensen zijn, wat ik denk, dan zal het elkaar niet veel ontlopen.”

Eén belangrijk verschil is er wel. Dat zit in de duiding van het misbruik. “In de rk kerk was iedereen het erover eens: het deugt niet. In het boeddhisme stellen daders en hun entourage het vaak voor als een deugd, een verlichtingsversneller. Alsof de pleger uit compassie handelt en het slachtoffer niet misbruikt maar helpt. Dat is uniek, zo bruin hebben andere religies ze nog niet gebakken. Door die positieve duiding van wat evident fout is, kan het misbruik langer doorgaan.”

Zulke duidingen hoorde Oane Bijlsma van Tibetaanse lama’s. Ze noemt het ‘grensoverschrijdende oerverhalen’. “Neem het heiligenleven van prinses Yeshe Tsogyal, uit de negende eeuw. Zij wordt door zeven rovers verkracht. Straf krijgen die niet, nee, ze worden verlicht. De prinses had namelijk daarvoor het bed gedeeld met de Grote Meester. De boodschap is: die vrouw was het doorgeefvat, verlichting ging als een soa op de daders over, dus verkrachting kan goed uitpakken. Dat is toch sadistisch?”

Sogyal Rinpoche in 2016 in Bad Saarow, Duitsland.Beeld EPA

In omzichtige taal levert het vertrouwelijke jaarverslag commentaar op zulke verhalen. De BUN-vertrouwenspersoon signaleert daarin een ‘cultuurverschil tussen de (Oosterse) leraren en de meer West-Europese leerlingen. Het gedrag van de (Oosterse) leraren dat ongewenst is, kan echter voor de desbetreffende leraar als normaal gezien worden en wordt door een groep binnen de sangha geaccepteerd. Dit maakt het voor de melder extra moeilijk om hiermee naar een vertrouwenspersoon te gaan.’

Dat onderstreept het belang van een ‘ethische code’, zegt Hogendoorn. Die is ook verplicht, maar die ontbreekt in zes sangha’s, aldus het jaarverslag.

Herinneringscultuur

Volgens Oane Bijlsma biedt zo’n gedragscode weinig bescherming. “De BUN houdt lama’s de hand boven het hoofd die boven de wet zeggen te staan, hun geloof overstijgt westerse ethiek, ze zijn voorbij goed en kwaad - en erg antiwesters. Ik heb me bij Rigpa, Sogyals organisatie, en de BUN als slachtoffer gemeld, maar niets bereikt. Wat heeft een code voor zin als Rigpa nog steeds lid is van BUN? Met BUN-bestuursleden die een oplichter, viezerik en leugenaar als Sogyal hebben vereerd? Dat is toch raar? In de samenleving of het bedrijfsleven ben je dan echt weg.”

Bijlsma is geen boeddhist meer. Hogendoorn wel. Hij pleit, naar analogie van de manier waarop Nederland zijn verleden onder ogen ziet, voor een “boeddhistische herinneringscultuur waarin iedereen weet welk misbruik boeddhisten anderen aandoen en waarom dit zoveel boeddhisten onverschillig laat. Kortom: om niet te zien wat men wíl zien, maar wat werkelijk ís.”

https://www.trouw.nl/religie-filosofie/waarom-iedereen-en-ook-de-dalai-lama-wegkijkt-van-misbruik-onder-boeddhisten~b97ca1e3/#:~:text=Seksueel%20misbruik-,Waarom%20iedereen%20%2D%20en%20ook%20de%20dalai%20lama%20%2D%20wegkijkt%20van%20misbruik,hebben%20een%20diepgaande%20cultuurverandering%20nodig.'

----------------------------------------------------------

Voor een mogelijk antwoord op de vraag boven het artikel, is het leerzaam, om onderstaande link even aan te klikken .

https://www.trouw.nl/religie-filosofie/waarom-vraagt-de-dalai-lama-een-kind-aan-zijn-tong-te-zuigen~b8015e6b/

A new terror has entered the Gaza war: that it is ushering in an age of total immorality

 



A new terror has entered the Gaza war: that it is ushering in an age of total immorality

Nesrine Malik

The Jibaliya refugee camp in Gaza City, 27 July. Photograph: Anadolu/Getty Images


Israel’s seemingly endless war is forcing the world to become accustomed to an obscene level of death and suffering

On Wednesday, Benjamin Netanyahu received a standing ovation after his speech to US Congress. It was a moment that seemed to usher in a new phase of the war in Gaza – one in which it is not only tolerated as an unfortunate necessity, but is seen as something for which unquestionable support will continue without limits, without red lines and without tactical discretion. Israel’s relentless erasure of families, homes, culture and infrastructure – without end or indication of when any of it will satisfy its goals – is now just a part of life.

At the same time, the presumptive Democratic contender, Kamala Harris, makes a nonsensical appeal that “we cannot allow ourselves to become numb” to what is happening and that she “will not be silent”, when the only thing that matters is that the US continues to arm and fund Israel.

It all represents a dissolution not only of international law, but a fundamental human law. Of the transgressions that upend everyday life, death by murder, as has been alleged, is perhaps the worst, most degrading crime. The sanctity of human life, the notion that it cannot be terminated without the highest justification, is what separates us from barbarism. And so as the past nine months have unfolded, with each landmark episode of killing, there were many moments when you thought: surely this is it?

When the first grey children were pulled out of the rubble. When unarmed civilians were captured on camera being picked off by drone missiles. When the five-year-old Hind Rajab died, waiting for help among her dead relatives, and when the ambulance workers dispatched to help her were killed. When World Street Kitchen workers were struck by precision missiles. When a man with Down’s syndrome was attacked by an Israel Defense Forces (IDF) dog in his home, and then left to die after soldiers removed his family and prevented them from returning. But the war didn’t stop.

There have, of course, been attempts to preserve and enforce the fragile rules of international and humanitarian law. And again, you hoped that, as the judgments came, they would usher in the end of the assault. When the international court of justice (ICJ) declared that Palestinians had a plausible right to protection from genocide and asked Israel to halt its Rafah offensive. When the international criminal court (ICC) made an application for an arrest warrant for Netanyahu. And when the ICJ found Israel responsible for apartheid.

In that effort, they were joined by millions of protesters around the world whose actions roiled their domestic politics in a way that suggested the situation was not tenable. But the war has found its place again, nestled within the status quo. The issue of Gaza played out through our parochial politics and overlapped with its discontents. It produced protest votes that helped to send a record number of independents into parliament in the UK and delivered electoral upsets for establishment politicians. University campuses in the US witnessed historic scenes of protest and heavy-handed policing.

Deadly Israeli airstrike hits school in central Gaza – video report

Even though what has come about is a landmark shift in global public opinion on Israel, it still matters not a bit to those in Gaza who are not even aware of what is happening as they dodge bombs, seek food and dig up their dead. All that came of it was even more defiance and belligerence from Israel, condemnation of legal judgments from its allies, and the vilification and dismissal of large numbers of people who just want the killing to stop. All of this seems to say: yes, this is the world we live in now. Get used to it.

What does getting used to it look like? It looks like accepting that there are certain groups of people who can be killed. That it is, in fact, reasonable and necessary that they should die in order to maintain a political system that is built on the inequality of human life. This is what the philosopher Achille Mbembe calls “necropolitics” – the exercising of power to dictate how some people live and how others must die.

Necropolitics creates “deathworlds” where there are “new and unique forms of social existence in which vast populations are subjected to living conditions that confer upon them the status of the living dead”. In those deathworlds the killing of others, and the destruction of their habitat through epic military capabilities whose impact is never experienced by the citizens of the countries responsible, confer even more value on the humanity of those in the “civilised” west. They are exempt because they are good, not because they are strong. Palestinians die because they are bad, not because they are weak.

The cheapening of Palestinian life involves separating our lives from theirs, separating legal and moral worlds into two – one in which we exist and deserve freedom from hunger, fear and persecution, and a second in which others have demonstrated some quality that shows they are not owed the same. This is why it is important for defenders of Israel’s war to claim that there are no innocents in Gaza, that Hamas is hiding behind them, that those who you sympathise with would be the first to persecute you if you were gay or a woman. They are not like us. Once you are taught to cease to identify with others on the basis of their humanity, the work of necropolitics is complete.

The result is a world that feels as if it’s in the jarring middle of that transition. Where political events move forward with speed, folding Gaza into the normal. Images and accounts from Gaza, most recently of US doctors telling CBS News of children with sniper wounds to the heads and heart, compete with attention absorbed by the US election. With memes, farce and the trivial clutter of the digital world. Gaza comes to us in a montage of reels and posts: viewer discretion is advised/Kamala is “brat”/disturbing images/recipe details in caption/Rashida Tlaib holds a “war criminal” sign.

What world emerges after this? The war on Gaza is simply too big, too live, too relentless for its forced normalisation to occur without unintended consequences. The end result is all of humanity degraded; the end result is a world in which when the call comes to aid people in need, no one will be capable of heeding it.

  •  

    Nesrine Malik is a Guardian columnist