zaterdag 29 november 2025

Een powermove van jewelste: eigenhandig verschuift Dilan Yesilgöz het midden van de politiek

 




COLUMN


Een powermove van jewelste: eigenhandig verschuift Dilan Yesilgöz het midden van de politiek

De afgelopen maanden was ik wegens ziekte vaak met andere dingen bezig, maar het nieuws, en met name het politieke nieuws, wist toch telkens mijn gezichtsveld binnen te sluipen. Wat mij sinds de verkiezingen het meest fascineert is het getouwtrek om ‘het midden’: dat zou terug zijn, of juist onder druk staan. Bovendien was er onenigheid over wat het midden ís.
Zijn VVD en GroenLinks-PvdA middenpartijen? Deze kwestie kan ik makkelijk oplossen: volgens mij zijn er twee definities. Onder de ruime definitie vallen alle partijen die de rechtsstaat respecteren en bereid zijn te regeren. Van oudsher omvat dit alles van PvdA tot en met VVD. GroenLinks heeft nooit geregeerd, maar gezien de ambitie van GroenLinks-PvdA om dit wél te doen, en om een brede linkse partij te zijn, zou ik ook de fusiepartij een middenpartij noemen.
Dan is er de smalle definitie, volgens welke een middenpartij letterlijk een middenpositie inneemt tussen links en rechts. In deze definitie zijn alleen D66, CDA en ChristenUnie middenpartijen – en, vooruit, 50Plus. Onder Sybrand Buma en Wopke Hoekstra was het CDA zelfs ronduit rechts, maar Henri Bontenbal heeft het teruggebracht naar het midden.
Nog een onenigheid betrof het etiket voor mogelijke kabinetten. Sommige duiders, denk aan Telegraaf-columnisten Ronald Plasterk en Afshin Ellian, noemen een coalitie van GroenLinks-PvdA, D66, CDA en VVD ‘centrumlinks’. De gedachte erachter is simpel: D66, CDA en VVD zijn midden, en GroenLinks-PvdA links. Maar dit klopt niet. Als je GroenLinks-PvdA links noemt, dan is de VVD rechts. D66 is midden, hangend naar links; CDA is midden, hangend naar rechts. Dit kabinet zou een ode zijn aan de symmetrie. Toch noemt ook de VVD zelf, in een stuk vorige maand op de eigen website, een kabinet van de vier grote middenpartijen „een links kabinet”.
Nog zo’n kwestie: Dilan Yesilgöz blijft steevast verwijzen naar haar lievelingscombinatie (D66, CDA, VVD, JA21, mogelijk nog BBB) als ‘centrumrechts’. Ik zou dit eerder een rechtse coalitie noemen. De VVD, een rechtse partij, neemt hier immers een middenpositie in tussen enerzijds D66 en CDA en anderzijds het radicaal-rechtse JA21, en mogelijk BBB. Ik snap Yesilgöz’ voorkeur voor de term centrumrechts: die ademt redelijkheid en stabiliteit. Maar voor media is dat geen reden die framing over te nemen – wat ze wel doen.
Er zijn ook mensen die vinden dat Yesilgöz’ voorkeurscombinatie centrumrechts is, en de andere optie centrumlinks, omdat ze zich op die manier verhouden tot de kiezers. Die zijn immers naar rechts opgeschoven, wat een middenkabinet relatief links maakt. Maar dit is niet hoe politieke etiketten werken. Op deze manier zou, in een land met overwegend extreemrechtse kiezers, een extreemrechts kabinet een ‘middenkabinet’ heten. Maar termen als links en rechts zijn niet relatief: ze hebben een inhoudelijke betekenis. Een kabinet van GroenLinks-PvdA, D66, CDA en VVD mag dan links zijn ten opzichte van de bevolking, het zal geen typisch links beleid maken. Daar zou de VVD immers nooit aan meedoen.
Wie bepaalt waar het midden ligt, beslist wat normaal is en wat abnormaal
Maakt het uit, deze definitiestrijd? Ja, want wie bepaalt waar het midden ligt, beslist wat normaal is en wat abnormaal. Het fanatiekst hierin is Yesilgöz, die al ver voor de verkiezingen verkondigde dat GroenLinks-PvdA „uit het midden van de Nederlandse politiek gerukt” was. Ter illustratie noemde ze de vernielingen op campussen en steun voor Hamas, beide geenszins de GroenLinks-PvdA-partijlijn. Verder bleef het bij vage kreten als: „Er wordt geëist dat gewone, hardwerkende Nederlanders hun leven aanpassen naar hoe de radicalen het willen.”
Al dan niet bewust volgde Yesilgöz hier de strategie van radicaal- en extreemrechtse politici in verschillende landen om heel links tot radicaal te bestempelen.

Alternative für Deutschland doet dit expliciet, zo schreef correspondent Nynke van Verschuer onlangs in NRC over een document waarin de partij haar strategie beschreef. „De AfD probeert een wig te drijven tussen de middenpartijen SPD en CDU/CSU, die samen de regering vormen. Daartoe moet de AfD de SPD consequent als radicaal-links afschilderen, volgens de strategie, zodat kiezers van CDU/CSU aan de samenwerking gaan twijfelen. Doel is dat de CDU/CSU niet anders kan dan met de AfD in zee gaan.”               
Iets soortgelijks doet Yesilgöz, maar dan met haar eigen kiezers als publiek. Ze hitst ze als het ware op tegen links, om die afkeer vervolgens in te zetten in de formatieonderhandelingen: ‘Ik kan samenwerking met links niet aan mijn kiezers verkopen.’ Het is een powermove van jewelste: eigenhandig verschuift Yesilgöz het midden van de politiek. Dat daarbij het een en ander sneuvelt – de reputatie van een mede-middenpartij, het belang van rationele argumenten, een sterke onderhandelingspositie in de gesprekken met JA21 – neemt ze op de koop toe, of vindt ze überhaupt niet erg. Het is een roekeloze strategie die, in de brede definitie, niet past bij een middenpartij.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten

Opmerking: Alleen leden van deze blog kunnen een reactie posten.